Artillerielied

Hieronder vindt u de tekst van de Nederlandse veldartillerie. Dit lied is oorspronkelijk geschreven door W. de Villeneuve die een Franse luitenant was in 1846. In datzelfde jaar componeerde de Franse luitenant J.C. van Gheel Roëll de melodie voor het artillerielied.

Een hele tijd later, in 1881, werd de oorspronkelijke Franse tekst in het Nederlands vertaald. Vanaf 1955 werd dit artillerielied door de Nederlandse Wapen-traditieraad als officieel wapenlied ingesteld.

Het lied van de Nederlandse Artillerie

Wat dreunt daar op die heide?
Wat blinkt daar in ‘t verschiet?
Wat dondert tussen beide,
Dat men door stof niet ziet?
Hoe flikkeren die zwaarden,
Wat forse melodie!
Hoe rennen daar die paarden,
‘t Is Veldartillerie,
Hoe rennen daar die paarden,
‘t Is Veldartillerie!

De kruitdamp is hun leven,
‘t Kanon is hun banier!
De hoop daarvoor te sneven,
Bezielt elk kanonnier!
Zij haken naar den strijde,
Voor Vaderland en Vorst!
Voor Land en Koning beide,
Klopt steeds hun mannenborst,
Voor Land en Koning beide,
Klopt steeds hun mannenborst!

Van ‘t paard naar ‘t stuk gevlogen,
Dra dondert reeds het schot!
Weer vlug vooruit getogen,
Vernielt hij ‘s vijands rot.
Rent d’overmacht hem tegen,
Manmoedig staat hij pal,
Koopt door zijn dood de zege,
En juicht nog in zijn val,
Koopt door zijn dood de zege,
En juicht nog in zijn val!

Maar ook in tijd van vrede,
Blinkt steeds de kanonnier!
En meisjes schoon van leden,
Zijn op zijn liefde fier.
Waar moed zit, heerst ook trouwe,
Met kracht nooit uitgeblust!
Daarom de schoonste vrouwen,
Heeft hij naar hartelust,
Daarom de schoonste vrouwen,
Heeft hij naar hartelust!

Hoera dus voor ons Wapen,
Lang leev’ de kanonnier!
Lang leev’ die forse knapen,
Des legers schoonste sier!
Hun leus zij: steeds te strijden,
Werwaarts ook d’eer hen zendt,
Voor Land en Koning beide,
Tot roem van ‘t Regiment,
Voor Land en Koning beide,
Tot roem van ‘t Regiment!

Bron: Luchtdoelartillerie . nl